Vlaanderen neemt de handschoen op tegen dementie met nieuw dementieplan 2021-2025

Vlaanderen neemt de handschoen op tegen dementie met nieuw dementieplan 2021-2025

Naar aanleiding van de Wereld Alzheimerdag die op 21 september plaatsvindt lanceerde Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding Wouter Beke een nieuw dementieplan. Het is al het derde plan op rij. Recent nog duidde de Wereldgezondheidsorganisatie op het belang van een uitgebouwd dementiebeleid. “We willen dat eenieder deel kan blijven uitmaken van onze samenleving. Kwaliteitsvol leven kan, als de samenleving daar mogelijkheden voor biedt”, aldus minister Beke.

De grote lijnen van het Dementieplan, waaraan het Expertisecentrum Dementie Vlaanderen mee kon bijdragen, werden door de minister ook toegelicht op ons onlinesymposium ‘Schatten in Vlaamse Dementiezorg’ (21/9/21). Je kan zijn toespraak herbekijken op ons You Tube-kanaal.

Focus van het plan

Vlaanderen en het Brusselse Gewest tellen momenteel zo’n 141 000 mensen met dementie en dat aantal zal volgens prognoses meer dan verdubbelen tot 283 000 in 2070. Dit vooruitzicht noopt tot actie. Het nieuwe dementieplan focust op de typische Vlaamse bevoegdheden: preventie, optimaliseren van de kwaliteit van zorg – zowel in de thuisomgeving als in de woonzorgcentra –, mantelzorgondersteuning en het uitdragen van een taboedoorbrekende en genuanceerde beeldvorming over de aandoening.

Met stevige aandacht voor

Belangrijk daarom is de stevige aandacht voor de kwaliteit van zorg voor mensen met dementie. De Vlaamse overheid investeert een budget van 159.500 euro om het kwaliteitskader dementie uit te rollen in 20 woonzorgcentra en thuiszorgorganisaties. Het doel is om de zorg verder te optimaliseren en bijvoorbeeld aandacht te schenken aan kleinschalig genormaliseerd wonen. Ook de kwaliteit van leven en bewonerstevredenheid in woonzorgcentra wordt een aandachtspunt.

Er wordt ook meer gedaan om te zorgen dat mensen met dementie de steun krijgen die zij nodig hebben om een waardig leven te leiden en dat mantelzorgers er

niet alleen voor staan, bijvoorbeeld door een aanbod psycho-educatie, praatgroepen en aandacht voor interactie en ontmoeting. In navolging van de vorige plannen wordt verder geïnvesteerd in opleiding van hulpverleners.

Daarnaast blijft Vlaanderen zich de komende jaren inzetten voor een fixatie-arme aanpak, met oog voor alternatieven voor zowel fysieke als chemische fixatie. Tevens is er aandacht voor het omgaan met onbegrepen en/of grensoverschrijdend gedrag bij personen met dementie. De Vlaamse overheid wil bovendien kennisverhoging stimuleren, niet alleen bij huidige, maar eveneens toekomstige zorgprofessionals, ook bij artsen. Daarom wordt gedacht aan het inschakelen van referentieartsen die de huisarts kunnen ondersteunen bij tijdige diagnostiek en complexe situaties.

Jurn Verschraegen, directeur van het Expertisecentrum Dementie Vlaanderen duidt eveneens op het belang van een dementieplan. “Internationaal staat Vlaanderen al enkele jaren op de kaart met een doortastend dementiebeleid. Een dementieplan is immers een gids die je samen met stakeholders opstelt en realiseert. In Europa benijdt men ons om onze referentiepersonen dementie. In het Dementieplan is nu ook sprake van de uitbreiding van dit systeem naar de thuiszorg.”

Voor de doelgroepen mensen met jongdementie, mensen met een verstandelijke beperking of met dementie en een migratie-achtergrond liggen er bijkomende en concrete uitdagingen, zeker op het vlak van toegankelijkheid van zorg en informatie. De typische problematiek van mensen met een beperking, bijvoorbeeld, vergt specifieke competenties. Het Expertisecentrum Dementie Vlaanderen ontwikkelt een opleidingspakket voor begeleidend personeel van personen met een verstandelijke beperking dat wordt opgemaakt in nauwe samenwerking met ervaringsdeskundigen en voorzieningen met ervaring met dementie in relatie tot verstandelijke beperking.

Hoe kwam dit plan tot stand?

Het plan kwam tot stand met input van een zestigtal belanghebbenden: van mensen met dementie zelf, hun mantelzorgers tot professionele hulpverleners zoals de expertisecentra dementie, artsen, apothekers, ziekenfondsen, thuiszorgdiensten. Ook de koepelorganisaties, de Vlaamse Ouderenraad en de Alzheimer Liga werden betrokken.

Om de vinger aan de pols te houden van de voortgang van het Dementieplan, installeert de minister een monitoringscomité dat de doeltreffendheid van het gevoerde beleid zal bewaken. Wouter Beke, Vlaams minister van Welzijn en Volksgezondheid: “In Vlaanderen wonen mensen langer thuis en dat is positief. Ze trekken pas naar een woonzorgcentrum wanneer ze zwaar zorgbehoevend zijn. Om aan die zware zorgbehoeften te voldoen, hebben we de personeelsnormen zwaar opgetrokken, zodat we de kwaliteit van zorg absoluut kunnen garanderen. Daarnaast zetten we in op woonzorgbuurten, wat betekent dat je het woonzorgcentrum integreert in de buurt. Mensen met dementie hebben daarin absoluut hun plaats. We moeten er alles aan doen opdat mensen van dementie nog kunnen genieten van een boterham met confituur, een wandeling in de zon of een knuffel van een dierbare. Dat zijn de doelstellingen die we met dit nieuwe dementieplan willen bewerkstelligen.”

Je kan het nieuwe Vlaamse dementieplan hier nalezen.