De anonieme zorgverlener in tijden van corona

De anonieme zorgverlener in tijden van corona

Sociale media overspoelen ons met hartverwarmende verhalen en foto’s vanuit de woonzorgcentra, thuiszorgsituaties en ziekenhuizen. Zorgverleners met mondmaskers en handschoenen aan dansen met de bewoners, verwennen hen met een manicure, vieren hun verjaardag, bakken pannenkoeken, maken kaartjes voor de familie, … De diensten voor gezinszorg, de huisartsenteams, de thuisverpleegkundigen, … zetten alles op alles om de noodzakelijke zorg kwaliteitsvol te kunnen blijven bieden voor hun kwetsbare doelgroepen. En ook in de ziekenhuizen geven zorgverleners, helemaal ‘ingepakt’ om zichzelf en anderen te beschermen, het beste van zichzelf. Dag en nacht. Het coronavirus dwingt ons om in contact met de meest kwetsbaren een mondmasker op te zetten. In sommige gevallen horen daar ook een bril, handschoenen en een pak bij. De herkenbare zorgverlener wordt daardoor minder herkenbaar of volledig onherkenbaar. Soms lijken het wel astronauten die de kamer binnen wandelen.

Een gezicht herkennen we aan de unieke combinatie van ogen, wenkbrauwen, neus, mond, wangen, kin, … Heel wat van die kenmerken zitten op vandaag verstopt achter het mondmasker dat de zorgverlener draagt. Voor mensen met dementie kan dit een grote uitdaging vormen. Want zelfs in ‘normale’ omstandigheden is het voor hen geen evidentie om gezichten te herkennen en namen te onthouden. In een wereld waar de omgeving, de tijd en de mensen die erin voorkomen meer en meer een raadsel worden, zetten we als zorgverleners sowieso in op oriëntatie: de analoge klok aan de muur, een kalender, een herkenbare inrichting, onszelf voorstellen, … We glimlachen breed bij het binnenkomen omdat we weten dat onze stemming ook de stemming van mensen met dementie beïnvloedt. Het biedt geruststelling en geborgenheid. Het betekent: “Wij kennen elkaar. Ik heb het goed met je voor. Je kan me vertrouwen.”

Op dit moment is wie we zijn en wat we zelf uitstralen ondanks ons masker nog meer van belang. We vallen terug op onze persoonlijkheid en onze houding als werkinstrument. We hebben nog onze stem, onze lichaamshouding, onze ogen die ‘kunnen spreken’ en ons hart dat wagenwijd openstaat. Wij praten vooral met gans ons lichaam, met de rust in ons spreken, met de handen die mee vertellen. Mensen met dementie taxeren ons voornamelijk op het gevoel dat wij bij hen doen ontstaan. En daar kan zelfs een mondmasker niet tegen op. ‘Gewoon’ doen blijft dus nog steeds de meest gepaste communicatievorm.

Wanneer dit belangrijke herkenningspunt in ons gezicht wegvalt door het mondmasker, zijn we soms vreemden voor de bewoners, patiënten en cliënten met dementie. Sommigen reageren hier angstig of onrustig op. Sommigen (dreigen te) gaan dolen. Wie is die persoon die op me afstapt? Wat wil die van me? In welke situatie ben ik nu beland?

Hierbij enkele tips die je als zorgverlener kunnen helpen
• Let goed op je articulatie, want het mondmasker dempt sommige klanken. Onderschat echter ook mensen niet: zij zullen wel aangeven wanneer zij jou niet begrijpen. Blijf echter aftoetsen of de boodschap al dan niet goed is binnengekomen.

• Begroet de persoon met dementie met een vrolijke, warme intonatie en zeg zijn naam. Zo maak je duidelijk dat je hem kent en dat jullie geen vreemden voor elkaar zijn. “Goeiemorgen, Georgette!”

• Beweeg niet te snel. Blijf je tempo aanpassen.

• Stel jezelf voor. “Het is Marijke. Je herkent me wellicht niet zo goed met dat masker op mijn gezicht.”

• Vertel waarom je beschermende kledij aanhebt en blijf dit telkens herhalen als de bewoner vreemd opkijkt. “Er is een gevaarlijk virus op ronde. Om jou en mezelf te beschermen, draag ik een mondmasker en handschoenen. Dat ziet er vreemd uit, he.”

• Gebruik wat humor. “Ik ben precies een ruimtevaarder!”

• Zet tijdens de verzorging muziek op waarvan je weet dat die de persoon met dementie tot rust brengt.

• Neem voldoende tijd en geef de bewoner de kans om te reageren op de vreemde verschijning.

• Stel gerust en benoem iemands reactie.
“Geen schrik hebben. Ik ben nog steeds Marijke, alleen zit ik verstopt achter deze bril en dit masker.”
  “Je was geschrokken, he. Dat is normaal. Ik zie er dan ook anders uit.”

• Ga op ooghoogte zitten.

• Kies voor een kleurrijk masker of een vrolijk motiefje. Vertel er iets over. Zo breng je wat luchtigheid in het thema.
  “Ik heb een hele collectie mondmaskers. Vandaag draag ik een rode, maar voor morgen heb ik een met bloemen liggen.”

• Blijf gebruik maken van gebarentaal als de persoon de taal niet meer helemaal machtig is, ook al lijk je daarmee nog meer op een astronaut:-) …

• Laat bij weerstand eventueel beelden zien (op je tablet of smartphone) van andere zorgverleners, bij de individuele zorg bij andere bewoners. “Het is voor ieders veiligheid. Kijk, Georgette, ook bij Paul moeten we mondmaskers dragen.”

Op deze manier bied je mensen met dementie zoveel mogelijk geborgenheid (cf. fundament 3 uit het referentiekader dementie), ondanks de vervreemdende maatregelen die ons allen beschermen. Besef dat wat je ook probeert, de situatie hoe dan ook voor iedereen bevreemdend blijft. Er zijn geen wondermiddeltjes. Wat voor de ene persoon met dementie goed werkt, lukt mogelijks niet voor iemand anders.

Auteurs
– Herlinde Dely (Expertisecentrum Dementie Vlaanderen)
– Herman Wauters (Regionaal Expertisecentrum Dementie Orion ism PGN)
– Hilde Delameillieure (Regionaal Expertisecentrum Dementie Foton)
– Jurn Verschraegen (Expertisecentrum Dementie Vlaanderen)
– Karl Devreese (WZC De Vliedberg, verantwoordelijke welzijn)

(c) Foto: Ani Kolleshi (Unsplash) en Hein Vanhuyse